Woordgreep 11: De werkelijkheid bestaat niet

Door 8 december 2015schrijven en lezen

Woordgreep

Steeds vaker hoor je spreken over een ‘iconisch beeld’ of een ‘iconische foto’. Maar wat wordt precies bedoeld met het woord iconisch? Het is niet wat het lijkt.

Iconisch betekent letterlijk beeldend. Maar in het spraakgebruik staat het vaak voor alleszeggend of veelzeggend. Samengebald in één beeld wordt ‘een waar, sprekend verhaal’ gevat.

Icoon is afgeleid van het Griekse woord ‘eikoon’, dat beeld betekent. In de Griekse en Russische orthodoxe kerk  is het een venster op de eeuwigheid. Een icoon werpt een blik op de hemel. Een iconische foto toont de waarheid over het leven.

Sterk beeld

Iedereen kent ze wel, iconische foto’s. Van fotograaf Robert Capa is de overbekende foto van een stervende soldaat tijdens de Spaanse Burgeroorlog. Of neem de foto van het naakte ‘napalmmeisje’ in Vietnam toen de Amerikanen daar in de jaren zestig en zeventig huishielden. Van recenter datum, begin september, is de foto van het verdronken Koerdisch-Syrische jongetje op een Turks strand, die ‘de vluchteling een nieuw gezicht’ gaf. Opeens voelden velen zich wél betrokken bij vluchtelingen die hun land ontvluchtten en elders een beter bestaan zochten.

Duidelijk is dat al deze foto’s een sterk beeld tonen; een beeld dat bij de kijker een intense emotie oproept. Het beeld is dan ook niet alledaags, maar bijzonder. Over het hoofd wordt gezien dat dergelijke beelden vaak gemanipuleerd zijn. Over de foto van Robert Capa bestaat het sterke vermoeden dat deze in scène is gezet. De foto van het napalmmeisje is zo gesneden dat zij het middelpunt van de foto is geworden en daardoor gaat alle aandacht naar haar uit. Hetzelfde geldt voor het verdronken Koerdisch-Syrische jongetje, dat alleen is afgebeeld. Op de oorspronkelijke foto is dat niet het geval.

Geconstrueerde werkelijkheid

Behalve dat de aandacht  van de kijker in veel iconische foto’s wordt gemanipuleerd, worden ze gekenmerkt door esthetiek. Op een bepaalde manier zijn het ‘mooie’ foto’s. Of preciezer gezegd, ze vallen op door een in het oog springende vormgeving. Zoals die foto van de Amerikaanse fotograaf Joe Rosenthal, waarop soldaten in 1945 de Amerikaanse vlag plantten op het Japanse eiland Iwo Jima. Het lijnenspel, de schuine vlag door het midden van het beeld waarop haaks vier soldaten staan, doet denken aan de wijze waarop de schilder Johannes Vermeer zijn schilderijen, vaak inkijkjes, vormgaf. Dit beeld van Rosenthal is later regelmatig nageaapt. En ook over deze foto gaat het gerucht dat hij is geënsceneerd.

Wat is nog echt?, ben je geneigd je af te vragen. Onthult een iconische foto inderdaad de waarheid over het leven of worden we als kijker misleid? Aardiger gezegd, wordt de werkelijkheid door de makers van dit soort foto’s geconstrueerd?

August Sander

Volgens Plato was een schilderij een afbeelding van een afbeelding van de ideële werkelijkheid. Daarom was een schilderij (kunst) voor hem niet veel waard. Ongetwijfeld zou hij dit ook over de fotografie hebben gezegd. Een fotograaf als August Sander, van wiens werk op dit moment in Antwerpen een grote overzichtstentoonstelling is, zou het niet met Plato eens zijn. Gedurende de eerste helft van de twintigste eeuw vereeuwigde hij, op systematische wijze, voor de fotocamera allerlei soorten mensen. Typen, kun je beter zeggen. Al die type mensen bekleedden beroepen, zoals dat van de bakker, de slager, de architect, en ga maar door. Ze kijken recht in de camera, ernstig, want ze mochten van August Sander beslist niet lachen op het moment suprême dat de fotograaf zijn plaat schoot. Iedere beroepsgroep toont, geloofde Sander, zo zijn ware aard. Hij probeerde de werkelijkheid zoveel mogelijk recht te doen, zonder het beeld te manipuleren. Een illusie natuurlijk, omdat August Sander de mise-en-scène rigide arrangeerde.

Verbeelding

De werkelijkheid bestaat niet. Net als literatuur verbeeldt fotografie de werkelijkheid. Literatuur geeft verbeelding aan innerlijke roerselen, in het bijzonder aan de diepste emoties van de mens: driften, hartstochten. Het lijkt wel of fotografie ook steeds meer die opdracht vervult. Hoe komt dat toch?

De media prikkelen steeds meer ons gevoel. Vandaar die iconische foto’s. Misschien is dat wel eigen aan het leven in onze (westerse) rationalistische, technocratische samenleving. Voortdurend doorbreekt het sentiment van de Romantiek de rede van het Verlichtingsdenken. Het zijn twee kanten van dezelfde medaille. De media zijn daarvan spreekbuis en beeldbuis.

Iconische verhalen

We leven in een beeldcultuur en daarom is fotografie meer van deze tijd dan literatuur. Fotografie schept doorlopend beelden, in de hectiek van elk moment. Maar die beelden vervluchtigen. Vandaar dat wij hongeren naar nieuwe beelden. Media voeden die honger, bij voorkeur door de productie van nieuwe iconische beelden.

In literatuur krijgen emoties in een veel langzamer proces gestalte. Er is veel meer tijd mee gemoeid, iets dat inherent is aan het lezen. Een beeld neem je in een fractie van een seconde waar, een boek uitlezen kost je al snel minstens een paar uur. In dat langzame proces van het lezen kerven emoties zich in je ziel. Vaak onuitwisbaar. Het beeld dat jezelf creëert door literatuur te lezen, behoudt een plek in je binnenste.

Meer dan iconische foto’s zijn iconische verhalen veelzeggend.

Publicatiedatum: 8 december 2015

Jelle Jeensma

Schrijver Jelle Jeensma

Als journalist publiceerde ik over uiteenlopende onderwerpen, maar vooral over film, literatuur en onderwijs. Ik redigeerde boeken, tijdschriften, brochures en artikelen. Van diverse filmbladen en universiteitsbladen was ik hoofd- of eindredacteur. Bij een dagblad was ik chef kunst. Als freelancer werkte ik voor verschillende journalistenbureaus. Als ghostwriter kroop ik in de huid van anderen en schreef ik zowel persoonlijke als zakelijke stukken.

Bekijk de essays van Jelle Jeensma

Uw reactie

%d bloggers liken dit: