Journalistieke stelregel 2: Heb je de kop al in je hoofd, dan zit je goed

Journalistieke stelregel 2.png

Iedereen die weleens schrijft, herkent het: je hebt je ingelezen, op internet gespeurd, mensen live of telefonisch geïnterviewd, en dan moet het gebeuren. Hoe weet je in die brei aan informatie structuur aan te brengen? Kadreren is daarbij van wezenlijk belang.

Soms heb je hulpmiddelen, zoals bij het schrijven van een nieuwsbericht. Daarin wordt in de inleiding summier antwoord gegeven op de meeste W-vragen (wie, wat, waar, wanneer, waarom) en de H-vraag (hoe). Lukt dat je, dan is de platte tekst een kwestie van uitrollen.

Een nieuwsbericht is een tekst met een duidelijke opbouw. Het belangrijkste nieuws staat bovenaan en krijgt handen en voeten door de uitvoeriger beantwoording van de vijf W’s en de H in de platte tekst. Het minst relevante nieuws staat helemaal onderop, zodat een eindredacteur daar gaat snijden als het bericht te lang blijkt voor de gekozen plaats in de krant of het tijdschrift. ‘Oprollen’ wordt dat genoemd.

5W1H-methode

Voor het schrijven van een nieuwsbericht zijn er dus weliswaar handvatten – men spreekt ook wel van de 5W1H-methode – maar het daadwerkelijk maken van een nieuwsbericht is verdraaid moeilijk. Je moet een neus voor nieuws hebben, dat vooropgesteld, maar omdat alles zo nauw luistert, alles naadloos op elkaar moet aansluiten, zit er geen ‘lucht’ in, geen bewegingsvrijheid om de dingen anders op te schrijven. Dat is wel mogelijk bij journalistieke genres als dat van de reportage of het interview. Daarmee kan een journalist of tekstschrijver alle kanten op, als het maar aantrekkelijk wordt opgeschreven.

Kijk eens naar de Volkskrant van het afgelopen Pinksterweekend. Boven een reportage over Braziliaanse straatkunstenaars staat de mooie kop ‘Schilderen tegen staatsgeweld in de favela’s’. De inleiding, de ‘lead’, luidt vervolgens: “Vrienden zijn ze, en collega’s. Even over uit Brazilië, waar zojuist ‘een staatsgreep’ is gepleegd tegen president Dilma Rousseff. ‘Voor ons is kunst altijd politiek.’ “

De journalist verplaatst zich hier in de geïnterviewden. Het persoonlijke wordt op de voorgrond gesteld; iets dat goed kan bij een reportage. Hier geen droge feiten, zoals in de ‘lead’ van het nieuwsbericht uit dezelfde krant: “Opnieuw staat de Nederlandse economie er beter voor. Het bruto binnenlands product (bbp) is in de eerste drie maanden van dit jaar met 0,5 procent gegroeid ten opzichte van het vorige kwartaal en met 1,4 procent in vergelijking met een jaar geleden.”

Hybride

Door een krant als Trouw is de ‘lead’ trouwens grotendeels in de ban gedaan. Na de kop komt men in de meeste artikelen direct ter zake, zo laat ook het Pinksternummer zien. Eigenlijk wel gewaagd, want behalve door de kop boven een artikel biedt de ‘lead’ kort en krachtig de informatie die verderop in een artikel naar voren komt. Hoewel… in dit dagblad lijkt de onderkop de rol van de ‘lead’ te hebben overgenomen. Zo lezen we in de rubriek ‘Economie’ boven een artikel de kop “Economie groeit, maar aantal banen krimpt”. En de onderkop luidt: “Vooral in de zorg daalt de werkgelegenheid. Aantal zelfstandigen neemt wel toe.” Zo’n onderkop lijkt wel een hybride van – informatieve – onderkop en ‘lead’.

Vergelijk je huidige kranten met die van een aantal jaren terug, dan zie je trouwens dat de ‘leads’ vroeger een stuk langer waren. Te lang, oordelen wij met hedendaagse maatstaven. De uitdaging is om in de inleiding van een artikel zoveel mogelijk informatie in zo weinig mogelijk woorden te vatten, met behoud van grote helderheid van de tekst. Een hele kunst, een vak apart.

‘Kill your darlings’

Het mooiste is als de journalist of tekstschrijver dit zelf voor elkaar krijgt en de eindredacteur, diens meest kritische lezer, er geen letter aan hoeft te veranderen. Als dat lukt, vergemakkelijkt dit ook het schrijven van de rest van het artikel. Inleiding of ‘lead’ kadreert het artikel. Dit betekent dat nogal wat informatie kan worden weggegooid, omdat deze niet relevant blijkt voor de gekozen invalshoek van het artikel. Soms is dat moeilijk, zeker als de informatie saillant is, een sprekende anekdote of een mooi citaat bevat. Vandaar de uitdrukking ‘Kill your darlings’.

Het mooiste is: je hebt een punt gezet achter het verzamelen van informatie en je loopt naar je bureau om op je toetsenbord te gaan tikken. En op weg naar je bureau zíé je de kop die boven het stuk komt te staan, en die de eindredacteur zonder meer gaat overnemen. Je bent zeker van je zaak.

Als het er zo voorstaat, mag je van geluk spreken. De inleiding kadreert de door jou verzamelde informatie voor het artikel, maar dat doet de kop ook. En dat is meestal maar één zin, lopend over één regel. Een passende kop is de bril waardoor je naar je materiaal kijkt. Wat laat je staan, wat gooi je overboord? In welke volgorde giet je de informatie die relevant is om op te schrijven? Kortom, heb je de meest treffende en sprekende kop van je artikel al in je hoofd, als residu van alle informatie die je hebt vergaard, dan zit je goed.

Publicatiedatum: 18 mei 2016

Jelle Jeensma

Schrijver Jelle Jeensma

Als journalist publiceerde ik over uiteenlopende onderwerpen, maar vooral over film, literatuur en onderwijs. Ik redigeerde boeken, tijdschriften, brochures en artikelen. Van diverse filmbladen en universiteitsbladen was ik hoofd- of eindredacteur. Bij een dagblad was ik chef kunst. Als freelancer werkte ik voor verschillende journalistenbureaus. Als ghostwriter kroop ik in de huid van anderen en schreef ik zowel persoonlijke als zakelijke stukken.

Bekijk de essays van Jelle Jeensma

Uw reactie

%d bloggers liken dit: